





Based on Isaac Gilsemans’s sketch of the Dutch encounter with the Maori in a large open bay at the northern end of the South Island of New Zealand in Dexember 1642.
On 18 December 1642, two ships of the Dutch East India Company, the Zeehaen and the Heemskerck, under the command of Abel Tasman, anchored in Taitapu (Golden Bay), South Island, New Zealand.
That evening, two canoes of local Maori people approached the ships and challenged them with incantations and blasts on their shell trumpets. The Dutch, mistaking the challenge for a friendly approach, replied with shouts and trumpet calls and fired a cannon. The Maori took this to be a hostile action and responded angrily.
The following day, canoes again approached the ships, and the Dutch tried to establish friendly contact. However as the Zeehaen’s cockboat approached the Heemskerck, the crew of one canoe suddenly attacked, ramming the cockboat at high speed, killing three men instantly and mortally wounding a fourth. Then they retreated towards the shore. The Dutch fired on other approaching canoes, then werighed anchor and sailed out of the bay.
“I have taken some liberties with the landscape as I wanted to show the high land described by Tasman. The ships are as cose to the originals as I could get and still maintain the feeling of clay.
As the work is ceramic I wanted, if possible, to show the qualities peculiar to clay.”
(photographs taken on 17-11-2011 on our visit at The Abel Tasmankabinet in Lutjegast, The Netherlands. The text is from a sign, accompanying the artwork)
Gebaseerd op Isaack Gilseman’s beschrijving van de ontmoeting met de Hollanders met de Maori’s in een grote, open baai aan de noordzijde van het Zuideiland van Nieuw Zeeland in december 1642.
Op 18 december gingen twee schepen van de Verenigde Oostindische Compagnie, de Zeehaen en de Heemskerck, onder commando van Abel Tasman, voor anker in Taitapu (Gouden Baai) op het Zuideiland van Nieuw-Zeeland.
Die avond naderden twee kano’s met plaatselijke Maori’s die hen uitdaagden met zingen en blazen op hun schelptrompetten. De Hollanders, die de uitdaging verkeerd begrepen en dachten dat het een uiting van vriendelijkheid was, antwoordden met schreeuwen en trompetstoten, en vuurden een kanon af. De Maori’s beschouwden dit als een vijandige actie en riepen boos terug. De volgende dag kwamen er opnieuw kano’s in de buurt van de schepen en de Hollanders trachtten een vriendschappelijk contact te leggen. Toen echter de sloep van de Zeehaen de Heemskerck naderde, viel de bemanning van een van de kano’s plotseling aan en ramde de sloep met hoge snelheid, zodat drie mannen onmiddellijk werden gedood en een vierde dodelijk gewond. Zij trokken zich vervolgens terug naar de kust. De Hollanders vuurden op andere naderende kano’s, lichtten het anker en zeilden de baai uit.
“Ik heb mij enige vrijheden veroorloofd met het landschap, omdat ik het ‘hoge land’ dat door Tasman wordt beschreven, wilde weergeven. Ik heb getracht de schepen zoveel mogelijk op de oorspronkelijke te laten lijken en toch het gevoel van klei te bewaren.
Daar het werk keramiek is, wilde ik, indien mogelijk, de specifieke eigenschappen van klei laten zien.
(gefotografeerd op 17-11-2011 tijdens ons bezoek aan het Abel Tasmankabinet in Lutjegast. De tekst is afkomstig van een informatiebordje bij het werk)